- INTERNATIONALE STATUS -
Inleiding
- De term Heilige Stoel slaat niet alleen op de organen die de Paus bijstaan in het bestuur van de wereldkerk, maar staat ook voor de positie hiervan in het volkenrecht, de diplomatie en de internationale politiek.
Soevereiniteit
- Volgens het internationale recht is de Heilige Stoel een soeverein volken- rechtssubject, net zoals ook alle nationale staten dat zijn. Het bijzondere is echter dat de Heilige Stoel geen staat is, maar het centrale bestuur van de Rooms-Katholieke Kerk.
- De Heilige Stoel omvat weliswaar alle organen en instellingen die bij dat centrale bestuur betrokken zijn, maar is formeel en uiteindelijk identiek met het Pausschap.
- Daarmee is dit het enige geval waarin niet een territoriale staat, maar een natuurlijk persoon, de Paus, volkenrechtelijke soevereiniteit bezit (andere staatshoofden en regeringsleiders zijn immers als persoon niet soeverein omdat ze slechts handelen in naam van hun land).
Internationale betrekkingen
- Als soeverein volkenrechtssubject onderhoudt de Heilige Stoel c.q. de Paus diplomatieke betrekkingen met bijna alle soevereine staten.
- Voor het onderhouden van die betrekkingen verricht de Paus zelf de no- dige activiteiten en beschikt hij daarnaast over een eigen diplomatieke dienst. Zie hierover verder de pauselijke diplomatie.
- De Heilige Stoel kan internationaal op twee manieren optreden: namens Vaticaanstad en namens de Rooms-Katholieke Kerk. Op beide manieren wordt hierna verder ingegaan:
Namens Vaticaanstad
- De Heilige Stoel is dus zelf geen staat, maar oefent wel soeverein gezag uit over de staat Vaticaanstad. Anders gezegd: de Paus is zelf persoonlijk soeverein en Vaticaanstad is het territorium waarover hij soeverein gezag uitoefent.
- Het is dus niet zo, zoals veel mensen denken, dat Vaticaanstad louter op zichzelf een soeverein staatje is. Vaticaanstad ontleend zijn soevereiniteit namelijk aan die van het Pausschap c.q. de Heilige Stoel.
- Omdat de Heilige Stoel het soevereine gezag over Vaticaanstad uitoefent, worden de internationale en grensoverschrijdende aangelegenheden van Vaticaanstad door de Heilige Stoel behartigd.
- Zo is de Heilige Stoel namens de staat Vaticaanstad bijvoorbeeld partij bij diverse verdragen inzake post en telecommunicatie en volledig lid van de Wereldpostunie (UPU), de Internationale Telecommunicatie-Unie (ITU) en de World Intellectual Property Organization (WIPO).
Namens de Rooms-Katholieke Kerk
- Omdat de Heilige Stoel het centrale bestuur is van de Rooms-Katholieke Kerk, wordt de Kerk voor haar internationale aangelegenheden door de Hei- lige Stoel vertegenwoordigd. De Heilige Stoel is namelijk wel een soeverein volkenrechtssubject, maar de Katholieke Kerk als geheel niet.
- Namens de Rooms-Katholieke Kerk is de Heilige Stoel partij bij vele inter- nationale verdragen en lid van of waarnemer bij vele internationale organi- saties, waaronder de Verenigde Naties.
Links en literatuur
- Wikipedia-artikelen: Heiliger Stuhl - Heilige Stoel - Holy See 
- Artikel in de Catholic Encyclopedia: Holy See (1910) 
- Joseph L. Kunz, The Status of the Holy See in International Law, Ame- rican Journal of International Law 46 (1952), p. 308-314.
Soevereiniteit in oude zin
- In de Middeleeuwen kende men het begrip soevereiniteit in moderne zin niet, maar we kunnen wel zeggen dat toendertijd geen enkel land of geen enkele heerser als volledig soeverein werd gezien. Volledig soeverein was alleen God omdat alleen aan Hem het hoogste gezag en de volheid van macht toekwam.
- Alle macht en gezag op aarde kon daarom alleen namens God worden uit- geoefend, dat wil zeggen: volgens Zijn geboden. Paus Gregorius VII (1073-1085) stelde dat aan de Paus zowel het hoogste wereldlijke als geestelijke gezag toekwam, wat tot een conflict met de Rooms-Duitse Keizer leidde en uitmondde in de zgn. Investituurstrijd.
- Deze strijd werd in de 12e eeuw beslecht door een overeenkomst waarbij aan de Paus voortaan alleen het hoogste geestelijke en aan de Keizer het hoogste wereldlijke gezag toekwam. De Keizer verkreeg dat gezag echter wel uit handen van de Paus (de twee-zwaardenleer).
Soevereiniteit in moderne zin
- Gaandeweg onttrokken echter steeds meer koningen zich aan de macht van de Keizer en gingen zij zich, met de Franse koning voorop, beschouwen als "Keizer in hun rijk", dit naar de Latijnse formule Rex Franciae est impera- tor in regno suo. Dit staat bekend het Gallicanisme of de Franse methode (Lat.: mos gallicus).
- In de tweede helft van de 16e eeuw was de macht van de Keizer zo ge- ring geworden en die van koningen dermate toegenomen, dat zij zichzelf als soeverein in de moderne zin des woords gingen zien, als heersers die aan geen hoger gezag onderworpen waren en aan wie de volheid van macht toekwam. Dit werd eerstmaals beschreven door de Franse jurist Jean Bodin (1530-1596) en in 1648 bevestigd bij de Vrede van Münster, waar landen voor het eerst handelden vanuit hun soevereiniteit in moderne zin.
- Daarmee was de universele wereldlijke autoriteit van het Keizerschap ten einde. De geestelijke autoriteit van het Pausschap bleef echter vanouds erkend door de katholiek gebleven landen en daarmee ook diens soeverei- niteit in oude zin, naast de soevereiniteit in moderne zin, die de Paus ook bezat als vorst van de Kerkelijke Staten.
Abstracte soevereiniteit
- Tijdens het Ancien Régime kwam de soevereiniteit nog toe aan de per- soon van de koning, maar daaraan kwam een eind met de introductie van het principe van de volkssoevereiniteit tijdens de Franse revolutie (1789). Sindsdien komt soevereiniteit theoretisch aan het volk toe, die het over- draagt aan de staat als abstract geheel. Tegenwoordig zijn daarom alleen staten soeverein en niet meer de staatshoofden. Zij vertegenwoordigen hun staat alleen nog.
- In de Kerkelijke Staten is, behalve tijdens de Franse bezetting van 1797-1801 en 1808-1815, het principe van de volkssoevereiniteit nooit erkend of ingevoerd. Daardoor is de Paus altijd persoonlijk de soevereine vorst van deze landen gebleven. Ook in de grondwet die voor het in 1929 verkregen Vaticaanstad werd opgesteld, wordt bepaald dat alle wetgevende, uitvoe- rende en rechterlijke macht alleen en volledig aan de Paus toekomt.
Vaticaanstad
- Zolang de Paus het staatshoofd was van de Kerkelijke Staten, was zijn soevereiniteit volledig vanzelfsprekend en onomstreden. Maar ook toen hij na de val van Rome in 1870 het gezag over deze gebieden kwijt was ge- raakt, bleven 16 landen de soevereine status van de Paus c.q. de Heilige Stoel erkennen en diplomatieke betrekkingen onderhouden. Dat waren, met Oostenrijk-Hongarije voorop, voornamelijk katholieke landen, maar daar- naast ook de niet-katholieke grootmachten Pruisen en Rusland. In 1929 was dat aantal gestegen tot 27.
- Ook het koninkrijk Italië erkende al in 1871 de onschendbaarheid en soe- vereiniteit van de Paus en bood voor het latere Vaticaanstad wel immuniteit, maar geen volledige soevereiniteit aan. De Heilige Stoel weigerde echter hardnekkig de nieuwe Italiaanse overheid en het verlies van de Kerkelijke Staten te erkennen.
- Aan dat dispuut kwam pas een kleine 60 jaar later een eind, toen op 11 februari 1929 met de Italiaanse leider Benito Mussolini de Lateraanse Ver- dragen gesloten werden. Daarbij kreeg de Paus o.a. Vaticaanstad als volle- dig soeverein en onafhankelijk staatsgebied om daarmee de Heilige Stoel weer te voorzien van een territoriale basis en soevereiniteit in moderne zin.
Bestaansrecht
- We zien dus dat de Heilige Stoel sinds mensenheugenis en ononderbroken een soevereine status heeft gehad. In het internationale volkenrecht is dat voldoende, maar in de politiek en de publieke opinie zal men soms meer in- houdelijke argumenten willen horen.
- Het bestaansrecht voor de soevereiniteit van de Heilige Stoel ligt in de re- lativering van de eenzijdige wereldlijke en machtspolitieke belangen van de nationale staten, zoals die sinds de 17e eeuw bepalend zijn geworden voor de internationale politiek.
- De noodzaak voor zo'n relativering is men na de Tweede Wereldoorlog meer en meer gaan inzien en men heeft die vormgegeven door toenemende internationale samenwerking in organisaties als de Verenigde Naties en door staten te binden aan in verdragen vastgelegde universele mensenrechten.
- Deze initiatieven relativeren weliswaar de nationale machtspolitiek, maar nog niet het louter wereldlijke karakter daarvan. Precies voor dat laatste staat dan ook de soevereine status van de Heilige Stoel: namelijk voor het feit dat het uiteindelijk gaat om de mens, om zijn geest, zijn geloof en zijn ziel, waarover de politiek en de staat niet het laatste woord mogen hebben!
|